Ville de Dinant NL
Geschiedenis  

Chios, parel van de Egeïsche Zee

Chios baadt in de Egeïsche Zee en is de hoofdstad van het eiland met dezelfde naam. De stad behoort tot de Regio Noord-Egeï en telt ongeveer 30.000 inwoners. Chios leed zwaar onder de vele Turkse invallen, waarvan de stad ook vandaag nog heel wat ‘littekens’ draagt, maar het stedelijk cultureel en architecturaal erfgoed is bijzonder rijk.

Een stukje geschiedenis…

Als we de oude Grieken mogen geloven, zou de naam Chios nauw verbonden zijn met de nymf Chioni, dochter van Inopiona, een zeer oude kolonisator van het eiland. Chios zou echter ook kunnen komen van Chio, de dochter van Theseus en Ariane die de eilandbewoners de kunst van de wijnbouw bijbracht. 

Hoe dan ook, onderzoek in een grot in het noordelijk deel van Chios bewees dat het eiland al bewoond werd van op het einde van het Neolithicum, of dus tussen 4000 en 3000 v.C.

Het is ook bekend dat in de negende eeuw v. C. Ioniërs voet aan wal zetten op Chios en dat de stad in de oudheid twaalfde stond op de ranglijst van de Ionische steden. De handel, de zeevaart en de kusten waren er bijzonder goed ontwikkeld. Maar deze periode van groei en welvaart werd onderbroken door de inval van de Perzen in 545 v. C. Daarna volgden nog de Macedoniërs, de Romeinen en de Mithridaten.

Dan kwam er een lange Byzantijnse bezetting. In die periode werd, in 1045, het beroemde klooster van Nea Moni gebouwd, dat ook vandaag nog bezocht wordt en dat opmerkelijke mozaïeken huisvest.

In 1272 werd Chios ingenomen door de Venetianen en in 1436 door de Genuanen en vervolgens door de Turken in 1566. Deze laatste verleenden echter tal van voorrechten aan de eilandbewoners. Maar deze wilden helemaal onafhankelijk zijn en kwamen in 1822 in opstand tegen de Turkse bezetter.

De oproer mislukte echter. Het eiland werd in brand gestoken en de Turken namen bloedig wraak op de inwoners van Chios: duizenden mannen werden gekeeld en duizenden vrouwen werden als slavinnen verkocht. Dit bloedbad dat als het grootste van de Turkse bezetting beschouwd wordt, bracht heel Europa in beroering. Het inspireerde de Franse schilder Eugène Delacroix voor zijn beroemde doek dat vandaag nog in het Louvre te zien is: «Le Massacre de Chios» en Victor Hugo schreef het gedicht «L’enfant de Chios».

Het eiland Chios had amper zijn wonden gelikt en was uit zijn as verrezen toen het door een tweede ramp getroffen werd: de vreselijke aardbeving van 1881 die 3500 slachtoffers maakte. In 1912 werd Chios eindelijk bevrijd en kreeg het zijn onafhankelijkheid. 

Beroemd door mastiek

Chios is het land van de mastiek, een doorschijnend kristallijn hars dat geproduceerd wordt door een boom in de vorm van een struik en enkel in het zuidelijk deel van het eiland geteeld wordt. De mastiekoogst gebeurt met kleine insnijdingen in de stam en in de dikste takken zodat het hars uitloopt. De boom wordt drie keer per jaar ingesneden, van juli tot september en het mastiek kent veel toepassingen: als snoep, kauwgom of parfum, in de bereiding van lakken, was, dranken, likeur, tandpasta…

De steen van Homerus

Chios is, volgens de legende, de wieg van Homerus. Maar niets is minder zeker… Wat er ook van zij, de beroemde Griekse dichter verbleef er wel geregeld. Op enkele kilometers van het stadscentrum van Chios, aan de rand van de zee, is een grote gesculpteerde rots te zien waar Homerus, naar verluidt, zat en onderwees. Er wordt ook verteld dat Christoffel Columbus vaak naar het eiland kwam. In een dorp in het zuiden werd op het huis waar hij verbleef toen hij in Chios zijn zeevaartkaarten kwam maken, een plaat met zijn naam aangebracht

Bronnen: «777 îles grecques» van Yiannis Desypris

Meer weten…

http://www.chios.com/

http://www.chios.gr/

http://www.chiosnet.gr/