Ville de Dinant NL
De abdij van Leffe  

De priorij van Leffe, behorend bij de orde van de “prémontrés” werd in 1152 gesticht door de abdij van Floreffe. De priorij werd slechts in 1200 een onafhankelijke abdij rekeninghoudend met het groter wordend aantal novicen die er verbleven.
Zijn vredige geschiedenis werd echter verstoord door het bloedbad van Dinant in 1466. Veel archieven gingen hierin verloren.
In 1792, bij het naderen van de troepen van de revolutionairen zochten de monniken hun toevlucht in Givet. In 1796 werden de goederen van de geestelijken staatsbezit. De abdij van Leffe verliest al zijn rechten. De verlaten gebouwen werden vervolgens gebruikt als glasblazerij, papierfabriek en een linnenfabriek.
In 1903 komen de franse monniken en na hun vertrek brengt de abdij van Tongerloo de abdij van Leffe terug tot leven..
Van de abdijkerken, van voor de 18e eeuw, blijft niets meer over. Het portaal dat uitkomt op de weg van de Leffevallei is het enige overblijfsel van de kerk van de 11e helft van de 17e eeuw.
Het heiligdom, zoals we hem vandaag kunnen zien, werd ingericht in het begin van de 20e eeuw in een oude schuur gebouwd in 1710.
Het rechthoekig geheel van gebouwen is een mooi bouwwerk van de 17e en 18e eeuw.
Slechts de bibliotheek ligt buiten dit geheel. Het heeft een prachtig elegante zuilengang die dateert, zoals het gebouw zelf, van 1720.
*de prémontrés: een vallei dichtbij Loan waar de heilige Norbert zich met enkele broeders vestigt op Kerstmis 1121. De orde van de prémontrés was geboren. De oprichting van de abdij van Leffe in 1152 werd geplaatst in de Gregoriushervorming van de 11e eeuw. Die monniken kozen om te leven volgens de regels van de heilige Augustin. Desalniettemin nemen ze de plattelandsparochies onder hun hoede. De bevoegdheden van de aartsdiaken, gegeven door de bisschop van de abdij van Leffe-zijn ongeveer dezelfde als die van een bisschop. Onder z'n bevoegdheden vallen de rechtspraak van de kerken en van justitie. Hij was als het ware de vertegenwoordiger van de bisschop en werd een belangrijk persoon in de politiek van Dinant. In 1466- onder het bewind van Charles de Téméraire werden de archieven en de bibliotheek verbrand. De gebouwen van de abdij van Leffe werden vernield, de religieuzen verbannen en de abt gegijzeld.
De 16e en 17e eeuw zijn een donkere periode uit de geschiedenis van de abdij. In de 18e eeuw begint de ambtsperiode van de meest merkwaardige abt van Leffe, nl.Perpète RENSON (1704-1743), een inwoner van Dinant. Hij is verantwoordelijk voor de opbouw van het grootste deel van de hedendaagse gebouwen van de abdij. Het meest opvallende bouwwerk was de nieuwe abdijkerk waarvan nu alleen het portaal overblijft.
Door de verwikkelingen van de Fanse Revolutie werd het kloosterhuis en alle andere kerkbezittingen staatsbezit en daarna verkocht in 1797. Teruggekocht door de abt van die periode, werd de abdij tenslotte afgestaan aan de leken en omgevormd in een glasblazerij in 1816. Na het faillissement van dit bedrijf wordt een gedeelte,waaronder de oude kerk, vernield. In 1902 verkoopt Remy Himmer,eigenaar van de gebouwen, het geheel aan de prémontrés-monniken van Frigolet. Deze religieuzen vonden hun toeverlaat in België nadat ze uit Frankrijk, door de wet Combes (verbod aan gemeenschappen om eigenaar te worden) werden verbannen. Sindsdien bewoont deze gemeenschap de huidige locatie die ze herinrichtten. Tegenwoordig zijn de religieuzen belast met het onthaal van het rusthuis, het hotel en de toeristen. Het liturgisch leven houdt ook het onderhoud van de gebouwen in. De priesters worden regelmatig op ministeries en in de aangrenzende parochies uitgenodigd.
Het Leffebier, dat niet in Leffe zelf wordt gebrouwen, zorgt ervoor dat de abdij geen financiële zorgen heeft. Op ons aanbevelen kunnen uw smaakpapillen genieten van verschillende bieren nl. De Blonde, de Bruine, de Tripel en de Radieuse. In 2002 werd een museum geopend waar u de geschiedenis van de abdij en het bier die er z'n naam aan ontleent  kunt ontdekken.