Ville de Dinant NL
Vous êtes ici :  Historisch erfg > Folklore > C.Q.F.D.
De Broederschap van Quarteniers de Flamiche Dinant  


Deze broederschap werd op 3 september 1956 op initiatief van het comité van de wijk „Saint-Nicolas“ gesticht, welke sinds 1948 het „Toernooi van de Flamiche“ tijdens de braderie in hun wijk organiseerde.

Oorspronkelijk genoemd „Orde van de Flamiche“, neemt men op 5 augustus 1968, met nieuwe statuten en nieuwe kostuums, de naam „Broederschap van Quarteniers van de Dinantse Flamiche“ aan, afgekort C.Q.F.D.

De verantwoordelijkheid van het beleid van de Broederschap wordt aan de 25 leden van de „Grote Raad“ toevertrouwd die door de „Groot Hoofd Kanselier“ wordt voorgezeten. De titel van „Grand Bailly de Monseigneur le Roy“ behoort  traditioneel de Burgemeester van de Stad Dinant toe. De leden van de „Grote Raad“ dragen de toga en de muts, in de oude kleuren van Dinant, rood en groen. De verschillende titels binnen de Broederschap zijn: Jongere, Quartenier, Groot Officier, Commandeur, Commandeur Majoor, Groot Hoogwaardigheidsbekleder, Quartenier van Eer en Groot eminente Hoogwaardigheidsbekleder.

De kandidaat wordt „Quartenier“ (1) na een plechtige inwijding tijdens een Kapittel, een veelkleurige plechtigheid, welke drie keer per jaar plaatsvindt. Na  de 10 geboden van de Broederschap gehoord te hebben, die de „Groot Brievenschrijver“ voorleest, wordt door de „Opperkamerheer“ zijn ‘voorspreker’ opgeroepen die hen „toespreekt“ (2). De toekomstige Quartenier legt dan de eed af: „Ik beloof te leven als een goede Copère (3) , om de Handvesten van de Broederschap te eerbiedigen en om trouw aan Dinant te blijven.” Hij wordt vervolgens tot ridder geslagen door de Groot Hoofd Kanselier met de formule „Bij de Heilige Aubert, beschermheer der bakkers en bij de Heilige Vincent, beschermheer der wijnboeren, sla ik je tot  Quartenier van de Dinantse Flamiche“; nadat de Gorgerin (4)  in ontvangst is genomen, het herkenningsteken van de Quarteniers, uit handen van Grand Bailly, wordt hij voor Groot Schenker gebracht. Deze spreekt een spreuk uit over de daarvoor beschikbare wijn en biedt hem een bokaal goddelijke Savigny aan. De nieuwe Quartenier ondertekent dan het Gouden boek der Broederschap onder toezicht van de  „Groot Heraldicus“, en ontvangt het diploma. De „Meester van de bakkers“ biedt hem een Dinantse Koek aan.

De binnenkomst van de Grote Raad der Kapittels geschiedt onder de erewacht van „Gewapende Mannen“ en wordt begeleidt door de „Groot Provoost“ onder de klanken van  prachtige ceremoniële fanfarekorpsen of jachthoorns die door de „Jagermeesters van de Maas“ worden bespeeld.

De Broederschap, die zowel in België als in het buitenland meer dan 500 leden telt,  is sinds 16 november 1973 samengegaan met de „Cousinerie van Bourgondië“ in Savigny-les-Beaune.

De 3 jaarlijkse Kapittels worden volgens de statuten de derde zaterdag van april, de eerste zaterdag van september en tweede zaterdag van december in de Kapittelzaal van de Broederschap, in het Stadhuis gehouden. Zij worden gevolgd door een „Disnée“ alwaar Flamiches van de beste Dinantse bakkers worden opgediend, samen met de fijnste wijnen van Savigny, die door Groot Schenker en de „Meester van de Wijnkelder“ worden uitgekozen. Tijdens dit feestmaal doet het koor van de „Vrolijke Quarteniers“ (5) met een repertoire van vrijgevochten Franse en Waalse liederen mee in een enthousiaste en vriendelijke sfeer, waar humor, liederen en smakelijke commentaren een vereiste zijn.

Elk jaar, tijdens het Kapittel in september, vindt het beroemde Toernooi van de Flamiche plaats waarin concurrenten zoveel mogelijk stukken Flamiche moeten verzwelgen, slechts geholpen door rode Savigny en een juichende menigte. Het record staat momenteel op14 taartpunten binnen drie kwartier.

De doelstellingen van de broederschap worden als volgt aangegeven:

  1. Het eren van personen die hebben samengewerkt, samenwerken of geschikt zijn om doeltreffend aan de ontwikkeling van de stad Dinant samen te werken
  2. Handhaven, eren en bekend maken van:
    1. de specialiteiten en de charmes van de Dinantse regio,
    2. de regionale culinaire tradities, zowel bij  restauranthouders als in gezinnen.
  3. Inventarisering en bekendstelling van ‘haute cuisine’ familierecepten. Deze recepten zullen in het gouden boek van Dinantse receptuur worden vastgelegd.
  4. Restauranthouders aansporen om de regionale schotels op hun (menu)kaarten te laten voorkomen en daarmee efficiënt bij te dragen in de uitstraling van de Dinantse gastronomie..
  5. Festiviteiten van folkloristische aard organiseren en in het bijzonder het toernooi van de Flamiche, dat altijd op de eerste zaterdag van september plaatsvindt.
  6. Het ontwikkelen van vriendschappelijke betrekkingen en kameraadschap tussen de leden van de broederschap.
  7. Deelname aan alle initiatieven en het verlenen van bijstand aan alle manifestaties, welke loftuiting en in stand houding van het gastronomische toerisme ten doel staan.
  8. Het in stand houden, bevorderen en aanraden van een goede servering van feestelijke, gastronomische maaltijden in zijn eigen omgeving.

(1) het  woord betekent van oorsprong ‘de soldaat die de wacht houdt over  wijk.’
(2) spreekt het toe, in proza of haalt vaak beschonken, soms pikante jeugdherinneringen op.
(3) het  woord „Copère“ komt van origine van cupper of koper (het metaal). Immers is Dinant beroemd sinds de middeleeuwen om de kwaliteit van zijn „dinanderie“ . De naam van Copère is zodoende de naam van de inwoners van Dinant geworden.
(4)„gorgerin“ is een lint dat  rond de hals gedragen wordt, in de kleuren van de broederschap en is min of meer een koperen Flamiche waarop het wapen van Dinant wordt gegraveerd als slotplaat, uitbeeldend een leeuw die als godin geboren is.
(5) Contacten met de Broederschap.


Broederschap van Quarteniers de la Flamiche Dinantaise
Jean-Claude Warnant,
Groot Hoofd Kanselier,
Avenue Cadoux, 8
B-5500 Dinant.
Tel. & Fax: 082/22.43.43